
'Het fietsverkeer in de stad is enorm toegenomen'; 
NRC.NEXT
17 oktober 2012 woensdag
Section: Op de hoogte
 Freek Schravesande
De aanleiding
De stadsfietser raakt in het gedrang, meldden onder meer Trouw, Radio 1 en Het Parool begin deze maand. Vooral in de grote steden zou het fietsverkeer de afgelopen tien jaar flink zijn toegenomen met 'fietsfiles' en kettingbotsingen tot gevolg. Aanleiding voor de berichtgeving was het symposium 'Meer fiets, meer ruimte' dat kenniscentrum Platform31 en de Fietsersbond organiseerden.
Het Amsterdamse D66-gemeenteraadslid Gerolf Bouwmeester vroeg zich tegenover de lokale nieuwszender AT5 af of de geldende normen voor fietspadbreedte en grootte van de opstelstrook nog wel passen bij het ,,enorm toegenomen" fietsverkeer in de stad. ,,We horen cijfers als verdubbeling, verdriedubbeling in de afgelopen tien jaar in Amsterdam." Lezer Paul Treanor wil weten of de toename werkelijk zo groot is.
Waar is het op gebaseerd?
Gerolf Bouwmeester baseert zich op ,,diverse onderzoeken" die hij vond toen hij had gegoogeld op 'toename fietsverkeer'. Bronnen zijn onder meer een rapport van Bureau Onderzoek en Statistiek van de gemeente Amsterdam en een rapport van de Fietsersbond.
En, klopt het?
De Nederlander reist dagelijks gemiddeld zo'n 35 kilometer. Daarvan legt hij driekwart af met de auto en circa 7,5 procent met de fiets - 33 procent op afstanden tot 7,5 kilometer. Dat blijkt uit cijfers van Mobiliteitsonderzoek Nederland dat in opdracht van de overheid de afgelegde afstanden sinds 1985 meet. Het onderzoek, dat wordt getoetst door het CBS, gebeurt steekproefsgewijs op basis van dagboeken die Nederlanders bijhouden. Dit is ook het onderzoek waar de Fietsersbond zich op baseert.
Het aantal fietskilometers is volgens het Mobiliteitsonderzoek de afgelopen tien jaar met 15 procent gestegen van 13 miljard in 2000 tot 15 miljard kilometer in 2010. Het aandeel van de fiets in het totale verkeer is al die jaren nagenoeg gelijk gebleven. De stijging van het aantal kilometers heeft vooral te maken met bevolkingsgroei. Ook schaalvergroting speelt een rol: Nederlanders wonen verder van hun werk en leggen meer kilometers af.
Er zijn volgens meerdere mobiliteitsrapporten twee - tegenovergestelde - trends: op het platteland neemt het fietsgebruik af door schaalvergroting en toegenomen autobezit, in de stadscentra neemt het fietsgebruik juist toe.
Zo blijkt uit tellingen van de gemeente Amsterdam dat het totaal aantal fietskilometers per werkdag tussen 1990 en 2008 is toegenomen van 1,6 miljoen tot 2,3 miljoen. Deze groei is relatief sterker dan de bevolkingsgroei. Ook het aandeel van de fiets ten opzichte van auto of openbaar vervoer is gestegen. De gemeente baseert haar cijfers op dagboekonderzoek onder Amsterdammers en op tellingen van het fietsverkeer. Tot 2011 werd op 250 locaties met de hand geteld op één werkdag per jaar. Om de betrouwbaarheid te vergroten telt de gemeente sinds vorig jaar met automatische systemen gedurende één week.
Het zijn vooral autochtone hoogopgeleiden in de binnenstad die steeds vaker de fiets gebruiken, zegt mobiliteitsonderzoeker Marco te Brömmelstroet van de Universiteit van Amsterdam. ,,Zij zien de fiets als hip en duurzaam, het past in hun lifestyle." Deze groep gebruikt de fiets om naar het station te rijden of om een keten van activiteiten aan elkaar te knopen: van woning naar crèche naar werk naar supermarkt. Ook het strenge parkeerbeleid voor de auto speelt voor velen een rol.
Maar ook in de stad zijn grote verschillen in fietsgebruik, benadrukt Te Brömmelstroet. De groei zit vooral in de stadscentra en de oude stadswijken eromheen, niet in de buitenwijken. En bij jongeren en allochtonen is zelfs sprake van een lichte afname van het fietsgebruik: de scooter en auto zijn onder hen veel populairder. Op sommige locaties is het gebruik van de scooter daarom relatief sterker gestegen dan van de fiets.
Een ,,verdubbeling" of ,,verdrievoudiging" van het fietsverkeer, zoals gemeenteraadslid Gerolf Bouwmeester noemt, kan misschien op enkele locaties in de binnenstad op bepaalde momenten voorkomen. Maar Dienst Infrastructuur Verkeer en Vervoer van de gemeente Amsterdam heeft ,,niet de indruk" dat er daardoor plekken zijn waar fietsers in grote problemen komen. ,,Wel zijn op drukke routes in de spits soms opstoppingen bij kruispunten", zegt de woordvoerder. Opstoppingen kunnen ook ontstaan doordat andere routes zijn afgesloten. Daarnaast kan de opkomst van de bakfiets een rol spelen - al is dat nooit onderzocht. Ook kan een rol spelen dat niet alle stoplichten rekening houden met het toegenomen fietsverkeer.
Conclusie
De stadsfietser raakt in het gedrang doordat het fietsverkeer de afgelopen tien jaar ,,enorm" zou zijn toegenomen, meldden diverse media. Landelijk is het aantal fietskilometers door onder meer bevolkingsgroei in tien jaar tijd inderdaad gestegen, maar het aandeel van de fiets bleef gelijk. In Amsterdam is het aandeel van de fiets wel gestegen. Vooral onder autochtone hoogopgeleiden in en rondom de binnenstad is de fiets populair. Op sommige locaties in het centrum kunnen daardoor weleens opstoppingen ontstaan. In de buitenwijken van Amsterdam is het fietsgebruik echter niet toegenomen. Next.checkt beoordeelt de bewering als half waar.
 
Gerolf Bouwmeester, D66-gemeenteraadslid in Amsterdam, tegenover lokale nieuwszender AT5
Foto Hollandse Hoogte
